Het Cycle Team Oirsbeek vindt zijn oorsprong met de grondleggers Sjaak, Arno en Marcel die vanaf 1981 regelmatig op hun ijzeren ros de Selfkant en de Limburgse heuvels introkken om door sportieve inspanning, ontspanning te verkrijgen. Alles onder het motto: Samen uit, samen thuis en niets moet, maar alles mag.

Voor die periode was Sjaak reeds geruime tijd een hardfietser en liet de fietsmicrobe overslaan op zijn collega Arno. Korte tijd later sloot Marcel hierbij aan (sinds 1980 op de fiets) en werd de regelmaat van 2 tot 3 keer fietsen per week een vaste gewoonte. Door de week meestel een tochtje van 40 tot 50 kilometers, in het weekend werd dit naar 80 tot 90 kilometers opgetrokken met jaarlijks twee keer de Gelre-Gulickroute, een keer naar Nettental en als hoogtepunt de Mergellandroute. Dit laatste was destijds nog een dagtrip, met broodjes voor onderweg. Gekleed in de wollen outfit met Deense helm en gespijkerde schoenplaatjes. Dat waren nog eens tijden.

Omdat er nu regelmaat in het fietsprogramma zat en er ook af en toe een toertocht werd verreden, werd in 1981 de naam “De Daalers” geboren. Deze naam was verbonden aan het woonadres van Sjaak en Marcel, beiden wonende in “In den daal” te Oirsbeek. Tevens ging en gaat het dalen nog altijd beter dan het klimmen. Ook de toertochten vanuit Kohlsheid en omstreken werden een vast onderdeel in het buitenlandse programma.

 

In de eerste jaren werd dit trio aangevuld met “nieuwelingen”, doch meestal geen blijvertjes.

In de periode van 1981 tot 1987 vond er een grote ontwikkeling plaats in het fietsen, denk aan de tijd van Zoetemelk, Kuiper, Kneteman, Raas en noem ze maar op. Ook het materiaal ging met sprongen vooruit, de riempjes om de pedalen verdwenen en de klikpedalen deden hun intrede. De fietsen werden lichter en duurder!

Rond 1984 deed de fietscomputer zijn intrede. Destijds nog grote “bakken” aan de voorvork of een compleet dashboard op het stuur, maar je had informatie over de afgelegde weg, tijd, snelheid en….. gemiddelde. Napuzzelen op de kaart van Limburg was niet meer nodig. Vanaf 1987 zijn veel van de verreden tochten op schrift gezet en na te lezen.

Vaker werden grotere tochten gefietst, langere afstanden in de omgeving, Duitsland en België onder de wieltjes gezet en af en toe weer een meerijder. Minimaal 1 keer per jaar naar Banneux.

In de zomer van 1988 werd de groep versterkt met de eerste oud amateur, (oud)Limburgs kampioen bij de nieuwelingen, het peil ging omhoog. Sjaak en Arno hadden Piet Pierik opgepikt. Na twee toevallige ontmoetingen is Piet eveneens een blijvertje geworden.

Een periode waarin het fietsen serieuzer werd aangepakt. Per jaar werd er gemiddeld vijf tot zesduizend kilometer gereden. Het geïndexeerd schakelen en wegwerken van de kabels op het stuur deed zijn intrede.

Grotere plannen werden gemaakt, de buitenlandse uitstapjes werden frequenter en spannender. Zelfs de Tour de France moest er aan geloven. Intussen verdwenen de remkabels onder het stuurlint en gingen we richting de 9 en later 10 kransjes achter.

 

In 1989 was Marcel de eerste van de groep die ervaring opdeed in de Franse Alpen, met onder andere de Alp d’Huez. In 1990 werd dit kunststuk herhaald door Sjaak, Piet, Marcel en Gerard (geen blijvertje). Dat jaar samen met de echtgenotes en enkele kinderen met de bus naar Grenobel. Mooie ervaring. Hierna hebben Piet en Marcel deze reis nog menig maal herhaald tot dat er in 2001 een einde aan de Tourreizen kwam door gebrek aan belangstelling.

De wintertijd werd overbrugd door zolang mogelijk te blijven doorfietsen en zo vroeg mogelijk in het nieuwe jaar weer op te stappen. En indien er nog geen zout was gestrooid tegen de gladheid, kon dat ook best. Zout is funest voor de draaiende en glimmende delen en dat werd dan ook vermeden. Soms werd getracht om via een krachthonk/fitness uurtje de zaak (lijf en leden) soepel en sterk te houden. Meestal niet echt succesvol. Het voorjaar bracht dan ook weer nieuwe kriebels om er op uit te kunnen trekken.

Doch op het gebied van overwinteren ontwikkelde zich een nieuwe rage, mountenbiken. Met dikke banden de winter in en door. Piet en Marcel zijn hier de voortrekkers geworden.

’s Avonds een lampje op de fiets een het rondje Brunssum-Schelsberg was de vaste route. De zondagmorgen werd vooral in de Brunssumse Heide vertoefd. Heel af en toe een toertochtje.

In 1994 werd de tweede oud amateur aangetrokken. Na een moeilijke onderhandelingsfase was Math Hoogeveen eindelijk ingelijfd en een korte gewenningsperiode van flink afzien, rijdt hij tot nu toe nog steeds de meesten het licht uit de ogen.

 

Vanaf dat jaar ontstond ook het begrip A en B ploeg. Afhankelijk van de interesse en samenstelling werd er soms gescheiden gereden. Voor sommigen werd een andere voorbereiding op het nakende seizoen gewenst. Zoals de voorbereiding op de Giro d’Italia in 1995. Piet, Marc, Math en Marcel gingen op pad. Ook dit werd een geweldig avontuur met vele mooie herinneringen.

Vanaf 1996 werd de wintergroep uitgebreid, naast Piet en Marcel kwamen Marc en Math ook aanzetten met een ATB, met in 1997 aangevuld met Piet Bosgraaf.

Nadat Piet B. het fietsen had geleerd, stapte hij eveneens over op de racefiets.

De Daalers groeiden uit tot een pelotonnetje hardrijders. De toertochten, zomers en ’s winters worden meer, langer en bekender van naam.

Aangezien een groot deel van dit peloton eveneens medewerkers van DSM zijn, of waren, wordt de DSM Classic een jaarlijks terugkerend ritueel. Al dan niet in een eigen groep of ondergebracht in de afdelingsgroep.

Tijdens de vakanties vormt voor sommigen de fiets een vast onderdeel van de bagage. Hierdoor zijn de buitenlandse wegen verzekerd van onze de aanwezigheid.

Grenzen worden verlegd.

 

In 2000, we hebben geen last gehad van een mileniumbug, wordt in de winter 1999/2000 de basis gelegd voor een memorabel jaar. In begin april werd Banneux reeds 2 keer opgezocht. Tochten van (ver) boven de 200 km zijn geen uitzondering. Grensland klassieker, Gazelle Heuveltocht, Limburgs Mooiste, Tilff-Bastogne-Tilff, Geleen-Gelsenkirchen, de Marmotte, DSM Classic en dan uitsmijter de Ride for the Roses.

Intussen werd de groep verder aangevuld met Roger, Dirk en Henk. In het begin nog aarzelend, maar nu ook vaste krachten. Een zeer gemêleerde groep van twintigers tot en met zestigers. (Op het moment van schrijven!)

In 2001 en 2002 zijn er de diverse toertochten met verschillende groepssamenstellingen verreden. De A en B ploegen zijn duidelijk gevormd. Regelmatig trekt nog een totaal pelotonnetje samen op. Na de verhalen van de Marmotte, werd eind 2002 het plan gesmeed om in 2003 weer eens iet bijzonders te doen. Het idee om de Dolomieten Marathon te gaan rijden werd geboren. Marc, Math, Piet 2, Dirk en Marcel vertrokken begin juli naar Italië om eerst een paar dagen voor te bereiden op de cyclo sportieve tocht, 147 km met 9 colletjes. Een zeer geslaagde reis hetgeen voor 2004 een voorlopig plan heeft voortgebracht om met een grotere groep richting de Franse Alpen te trekken. Het programma zal hier op worden afgestemd.

In 2004 verschijnt het team in een geheel nieuwe outfit. Een mooi stukje werk.

Zowel in 2004, 2005 als in 2006 is Frankrijk het beloofde land. Soms met de groep, of in kleinere samenstelling als training en hoogtestage.

 

Omdat het niveauverschil tussen de verschillende rijders steeds groter werd, wordt er weinig meer samen getraind, noch gefietst. Dit heeft tot gevolg dat eind 2006 de oorspronkelijke Daalers, door zijn gegaan onder de nieuwe naam: Cycle Team Oirsbeek, waarbij we de basiselementen blijven hanteren van; samen uit en samen thuis, niets moet alles mag. Dit op de vaste dagen.

Een nieuwe site werd opgezet, waarbij de verhalen van de gezamenlijke (of soms individuele) ritten worden vermeld. Tevens wordt er informatie verstrekt over de gereden routes.

In 2007 zijn er bijzondere prestaties verricht door de diverse teamleden. Verschillende buitenlandse toertochten en reizen zijn volbracht. Kilometergrenzen zijn verlegd en records verbroken. Dus een zeer positief jaar.

Voor 2008 staan er eveneens enkele mooie tochten en reizen op het programma en kunnen we ons verheugen op de uitbreiding van het team. Het aantal vaste leden is gegroeid naar twaalf, waarnaast regelmatige gastrijders nog met ons meepeddelen.

 

Ook de navolgende jaren blijft het team groeien en kunnen we ons verblijden met menig gastrijder. Ook de buitenlandse reizen, zoals Mallorca en Zweden zijn ware belevenissen.

 

Inmiddels schrijven we al het jaar 2013 en zijn er rijders gegaan en gekomen. Op dit moment rijden we met de vaste mensen:

René, Piet, Ron, Harrie, Edgar, Jo, Wil, Math, Hein, Tom, Giel en Marcel

 

 

Voor de verdere historie via de link naar onze oude site.